De Vlaamse Regering keurde op 17 juli 2026 een voorontwerp van decreet goed ter uitvoering van het Actieprogramma Rechtszekere en Robuuste Vergunningen.
Een belangrijke wijziging is dat de verkavelingsplicht vervalt in de onderstaande gevallen:
- bij verkoop op plan wanneer een definitieve omgevingsvergunning voor de bouw van de woningen is verleend én de daaraan verbonden lasten zijn uitgevoerd of gewaarborgd;
- bij éénlotsverkavelingen, onder de opschortende voorwaarde dat een omgevingsvergunning voor de oprichting van de woning wordt verkregen;
- in gebieden met een woonbestemming waarvoor een gemeentelijk RUP de verkavelingsplicht heeft afgeschaft.
Andere relevante wijzigingen zijn de onderstaande:
- Verkavelingsvoorschriften en het bijhorende verkavelingsplan verliezen na 15 jaar hun reglementair karakter. Vanaf dan zijn ze niet meer relevant, ook niet voor de beoordeling van de goede ruimtelijke ordening van een aanvraag.
- De vergunningverlener kan afwijken niet alleen van “oude” BPA-, maar ook van “oude” RUP-voorschriften, waarbij een voorschrift “oud” is als het langer dan 10 jaar geleden is vastgesteld (tot nu was dat 15 jaar).
- De decreetgever herformuleert de beoordelingscriteria van de goede ruimtelijke ordening. Zo wordt het criterium van de ‘beleidsmatig gewenste ontwikkelingen’ geschrapt en wordt de ‘maatschappelijke, ecologische, culturele, economische of sociale meerwaarde’ als nieuw beoordelingscriterium toegevoegd.
- De procedure voor de zaak der wegen wijzigt. De beoordelingsbevoegdheid van de gemeenteraad wordt ingeperkt, de noodzaak van een rooilijnplan vervalt in bepaalde gevallen, het toepassingsgebied van de geïntegreerde procedure wordt uitgebreid (d.i. het samen behandelen van omgevingsvergunningsaanvraag en zaak der wegen) en de Raad voor Vergunningsbetwistingen wordt bevoegd om te oordelen over beroepen inzake beslissingen betreffende de zaak der wegen.